|
|
 |
Als je uit detentie komt, krijg je weer (dagelijks) te maken met allerlei mensen.
Je kinderen, je partner, familie of oude vrienden.
Soms is dit leuk, soms is het lastig.
Bijvoorbeeld omdat je elkaar lang niet gezien hebt en weer aan elkaar moet wennen.
Lastig, omdat jij (en zij) veranderd zijn.
Of omdat iedereen verschillende verwachtingen heeft over 'hoe het nu verder moet'.
Of gewoonweg lastig, omdat het vóór je detentieperiode ook al lastig was.
Kind(eren)
Jij en je kind(eren) moeten weer aan elkaar wennen.
Zij moeten er aan wennen dat jij er weer elke dag bent. Dat jouw regels weer gaan gelden.
Je kinderen hebben jou gemist, en zijn misschien bang dat je weer zal 'verdwijnen'.
Of ze zijn boos op je, omdat je zolang bent weggeweest.
En jij moet ook aan hen wennen.
Aan de aandacht die ze van je willen, de rommel en het lawaai dat ze maken.
Aan het werk dat elke dag weer verzet moet worden (kleren wassen, voorlezen en spelletjes doen, eten koken, naar school brengen, tanden poetsen, naar bed brengen).
Misschien heeft tijdens jouw detentie iemand anders de rol van ouder overgenomen. Het kan pijnlijk zijn om te zien dat jouw kinderen nu aan die persoon gehecht zijn. En hoe kom jij er nu weer tussen, zonder dat het ruzie wordt?
Misschien voel je je schuldig omdat je er tijdens je detentie niet was voor je kinderen.
Allemaal moeilijk dingen.
Probeer te beseffen dat jullie allemaal tijd nodig hebben. Iedereen moet wennen aan de nieuwe situatie.
Wees geduldig, en blijf praten met elkaar over wat je moeilijk vindt.
Kan je wel wat hulp gebruiken bij de omgang met je kinderen, en bij de opvoeding? .
Gezin in Balans
Het project 'Gezin in Balans' van Humanitas biedt steun aan ex-gedetineerde moeders en hun kinderen. Ze hebben twee boekjes over een moeder in de gevangenis. Die kun je samen met je kinderen lezen.
Ze hebben ook 'moedermaatjes' die jou thuis komen opzoeken en je kunnen helpen met alles wat komt kijken bij het moeder-zijn. Op www.gezin-in-balans.nl vind je meer informatie, of bel naar: 06 12 77 80 26.
Betere Start
Betere Start is een project voor moeders met kinderen tussen de 2 en 10 jaar oud. Als je je aanmeldt voor dit project, maak je kans op een training die je kan helpen bij de opvoeding. Dit gebeurt in groepsbijeenkomsten en thuisbezoeken. Meld je snel aan, want de hulp is echt bedoeld voor de allereerste maanden dat je weer buiten bent. Bel naar 06-57127382 voor aanmelding of meer informatie.
Consultatiebureau
Na de geboorte van je kind krijg je automatisch contact met het consultatiebureau. Bij het consultatiebureau kun je terecht met al je vragen over je kind, zolang het nog geen vier jaar is. Dat kunnen vragen zijn over de opvoeding, over de gezondheid van het kind of over de verzorging. Consultatiebureaus hebben inloopspreekuren, de geboden hulp is altijd gratis.
Je kunt ook bellen naar het telefonisch spreekuur. Of kijk eens op www.onlineconsultatiebureau.nl, hierop staan veel (opvoed-)tips. Het adres van het consultatiebureau bij jou in de buurt kun je navragen bij de gemeente of opzoeken in de telefoongids.
GGD jeugdgezondheidszorg
Als je kind ouder is dan 4 jaar kun je voor opvoedingsvragen terecht bij de jeugdgezondheidszorg van de GGD. Elke regio heeft zijn eigen GGD, kijk in de telefoongids of op ggd.startpagina.nl voor de adressen. De GGD heeft folders over allerlei onderwerpen, zoals bedplassen, lastige eters en opvoeden.
De GGD Jeugdgezondheidszorg is ook aanwezig op de school van je kind. Elke school (basisschool en voortgezet onderwijs) heeft contact met een verpleegkundige van de GGD. Je kunt een gesprek aanvragen met deze verpleegkundige als je vragen of zorgen hebt over je kind. Je kunt die vragen telefonisch bespreken, of een afspraak maken voor een gesprek op school of bij je thuis. Op school hebben ze de naam en het telefoonnummer van de verpleegkundige.
Tenslotte geeft de GGD Jeugdgezondheidszorg cursussen over opvoeden. Deze cursussen zijn gratis, en niet ingewikkeld. Je krijgt praktische tips en kan vragen stellen. Ga naar de GGD bij jou in de buurt of kijk op hun website voor meer informatie.
Bureau Jeugdzorg
Bij Bureau Jeugdzorg kan je terecht als je hulp wilt bij de opvoeding. Bij Bureau Jeugdzorg werken mensen die naar je luisteren, en helpen om een oplossing te vinden.
Vaak is informatie of een advies al genoeg. Dan kun je na een paar gesprekken weer zelf verder.
Soms, als het probleem ingewikkeld is, heb je meer hulp nodig. Bureau Jeugdzorg bespreekt dan met je wat voor steun je kunt gebruiken. In overleg met jou schrijven ze een 'indicatiebesluit'. Dit is een soort verwijsbrief die recht geeft op speciale zorg.
Advies, informatie en begeleiding van Bureau Jeugdzorg is helemaal gratis. Zoek op www.bureaujeugdzorg.info naar het telefoonnummer en adres van het Bureau Jeugdzorg bij jou in de buurt. Klik op 'ouders' en daarna op 'Bureau Jeugdzorg bij u in de buurt'.
|
Partner
In detentie heb je natuurlijk minder contact met je partner.
Nu je weer buiten bent, moet je wennen aan elkaar.
Een goede partner kan een enorme steun zijn, en je helpen je leven weer op de rails te krijgen.
Eventuele problemen die jullie hadden voor de detentieperiode, zijn niet zomaar verdwenen. Twijfel je over je relatie? Praat er dan eens over met een vriendin, je ouders, een tante of een professionele hulpverlener. Iemand die je vertrouwt, tegen wie je dingen eerlijk kan zeggen. Wie weet heb je iets aan de tips die je krijgt.
Bedenk: in een gezonde relatie respecteer je elkaar. Je mag er allebei zijn.
Heb je het gevoel dat je niet zo stevig in je schoenen staat als het op relaties aankomt?.
Jij & de liefde
In een relatie hoor je gelijkwaardig te zijn. Dat betekent dat er voor allebei 'ruimte' is. Je zorgt voor elkaar (en niet: dat jij alleen maar voor hem zorgt). Het betekent dat je elkaar kunt vertrouwen. Dat je aandacht hebt voor elkaar. En aardig bent voor elkaar.
Vind jij het moeilijk om zo'n relatie te vinden? Bijvoorbeeld omdat je de neiging hebt om steeds maar weer op de 'verkeerde' te vallen?
Vind je het moeilijk om je grenzen aan te geven binnen een relatie? Ben je bang dat hij het dan misschien uit zal maken?
Dan is het tijd om daar iets aan te doen.
Praat er eens over met vrienden, je ouders of anderen die je vertrouwt. Wie weet kunnen zij je goede tips geven. Ook kan je er hulp bij zoeken, bijvoorbeeld bij het maatschappelijk werk in jouw woonplaats.
Zelfvertrouwen
Zelfvertrouwen hebben is belangrijk. Als je weinig zelfvertrouwen hebt, ben je kwetsbaar en makkelijk te overtuigen.
Heel veel mensen hebben last van te weinig zelfvertrouwen.
Maar waarom zou je niet in jezelf geloven? Iedereen is bijzonder, en jij dus ook.
Het hebben van zelfvertrouwen is een manier van over jezelf denken, en is aan te leren. Dat is niet gemakkelijk. Als je al heel lang de neiging hebt om slecht over jezelf te denken, buig je dat niet zomaar om.
Maar het kan wel. Een paar tips om mee te beginnen:
- Denk positief over jezelf. Kraak jezelf niet af met je eigen gedachten. Weet welke goede eigenschappen je hebt. Denk daaraan als je je niet goed voelt.
- Vraag niet teveel van jezelf. Je hoeft niet perfect te zijn, dat is immers niemand.
- Ga geen gedachten lezen. Voor je het weet, denk jij dat die ander een bepaalde mening over jou heeft. Terwijl dat waarschijnlijk helemaal niet klopt.
- Maak dingen niet groter dan ze zijn. Als er een keer iets misgaat, betekent dat nog niet dat het altijd wel mis zal gaan. En dat iedereen dat heel stom van je vindt. Dat het vast wel nooit meer beter zal gaan.
Zoek hulp als het nodig is. Praat erover met vrienden, je ouders of anderen die je vertrouwt. Wie weet kunnen zij je goede tips geven. Ook kan je een afspraak maken met het algemeen maatschappelijk werk in jouw woonplaats.
Weerbaarheid
'Weerbaarheid' betekent: dat je voor jezelf kan opkomen. Dat je weet wat je wilt, en wat je niet wilt.
En dat je dat ook durft te zeggen.
Dat je 'nee' durft te zeggen als je iets niet wilt.
Daarvoor is het belangrijk dat je weet wat je zelf (nog) leuk vindt. Bijvoorbeeld als het over een relatie gaat, of over seks.
In elke grotere plaats worden weerbaarheidscursussen gegeven. Zoek via internet met zoektermen 'weerbaarheid', 'weerbaarheidscursus' of zelfverdediging'. Je kunt ook informeren bij het algemeen maatschappelijk werk.
|
Familie
Voor familie geldt hetzelfde als voor je partner en je kinderen; jullie moeten weer aan elkaar wennen.
Bedenk voor jezelf of, en hoeveel, contact je wilt met je familie.
Eventuele problemen die jullie hadden voor de detentieperiode, zijn niet zomaar verdwenen.
Is de relatie verstoord, dan zal je eraan moeten werken, bijvoorbeeld met hulp van het
algemeen maatschappelijk werk of een hulpverlener van een ggz-instelling.
Algemeen Maatschappelijk Werk
Met alle vragen en problemen die je hebt, kun je aankloppen bij het Algemeen Maatschappelijk Werk (AMW). Je hebt hier geen verwijsbrief voor nodig. De hulp die het AMW biedt is gratis.
Als je contact met ze opneemt, krijg je een afspraak voor een intakegesprek. Daarin bekijken ze welke hulp je nodig hebt.
Als het AMW jou kan helpen, krijg je een of meerdere gesprekken met een maatschappelijk werker. Ook is er de mogelijkheid om mee te doen aan groepsgesprekken.
Als het AMW je niet kan helpen, proberen ze samen met je te zoeken naar een andere hulpverleningsorganisatie die dat wel kan.
Kijk bijvoorbeeld op www.amw-vangnet.nl voor adressen. Klik daarvoor in de rechterkolom op 'amw-adressen'.
|
GGZ
In elke grotere plaats zijn vestigingen van geestelijke gezondheidszorg (ggz-)instellingen.
Hier werken onder meer psychologen en psychiaters die kunnen helpen om je problemen aan te pakken. Als je contact opneemt met een ggz-instelling krijg je over het algemeen een telefoniste aan de lijn. Je hoeft daaraan je problemen niet te vertellen.
Kijk op ggz-hulpverlening.startpagina.nl voor een overzicht van ggz-instellingen in Nederland.
De telefoniste zorgt ervoor dat je een afspraak krijgt voor een intakegesprek. Daar vertel je uitgebreid over je situatie. Op basis van dat intakegesprek bepaalt de hulpverlener hoe jullie het verder aan gaan pakken: welke hulp je krijgt en hoe vaak dat zal zijn.
|
Misschien maken je familieleden zich zorgen over je. Ze willen je helpen.
Dat kan zorgen voor irritatie en stress, omdat jij daar niet altijd op zit te wachten.
Verschillende verwachtingen leiden dan tot ruzie.
Probeer geduldig te zijn, en besef je dat ze het goed bedoelen.
Blijf met elkaar praten over je gevoelens en ideeën.
Oude vrienden
Wil je nog omgaan met de vrienden die je had voordat je in de gevangenis terecht kwam?
Zijn die vrienden goed voor je?
Of zijn ze niet goed voor je, bijvoorbeeld omdat ze drugs gebruiken, crimineel zijn, veel drinken, of je overhalen om verkeerde dingen te doen?
Als je niet meer om wilt gaan met bepaalde oude vrienden, mijd ze dan.
Zoek de kroegen waar ze zitten niet meer op, wis hun telefoonnummers uit je mobiel.
Als je ze op straat tegenkomt, zeg dan kort gedag en loop daarna door.
Zeg desnoods tegen ze dat je geen contact meer wilt, als ze contact blijven zoeken.
Nieuwe vrienden
Nieuwe vrienden maken kost tijd en energie.
En waar vind je nieuwe vrienden?!
Bijvoorbeeld op je (nieuwe) werk: onder je collega's zitten vast meerdere mensen die aardig zijn.
Nieuwe mensen leren kennen kan ook bij een sportvereniging. Op een cursus die je volgt. Je hebt dan al iets gemeen; je vindt hetzelfde leuk om te doen in je vrije tijd. Lid worden van een vereniging of een cursus volgen kost geld. Maar als je een laag inkomen hebt, kom je vaak in aanmerking voor kortingsregelingen van de gemeente. Je hoeft dan (veel) minder te betalen. Informeer bij je gemeente naar de voorwaarden.
Misschien kun je nieuwe mensen leren kennen via je kinderen; andere moeders die je op het schoolplein ziet, of waar je kind thuis gaat spelen. Nodig degene die je aardig vindt eens uit om thee bij je te drinken, zo leer je elkaar wat beter kennen.
Heb je nog oude vrienden die goed voor je zijn, en die je graag (weer) wilt zien? Zoek ze op, en ga samen iets leuks doen. Zoals een wandeling maken of een middag naar een park gaan met de kinderen.
|
|
 |
Lees ook de aan dit onderwerp gerelateerde vragen :
|
|